nieuws   25 maart 2020     1 foto
Bij blijven: test je kennis.

Vorige week stond op deze site een artikel over fit blijven. Hopelijk hebben hier veel spelers gehoor aan gegeven, en blijft hun conditie, mede dankzij daarin vermelde oefeningen op peil.
We willen de komende tijd proberen iedere 1 of  2 weken  (afhankelijk vanaf de coronastop) iets bedenken om de betrokkenheid van de leden bij onze vereniging te houden. Heb je suggesties meldt ze via –contact—op deze site.
Deze week is er aandacht voor de spelregels.

We hebben 10 spelregelvragen en 1 schattingsvraag. De antwoorden zijn cursief toegevoegd.
 

Vraag 1. Als een speler op het doel schiet van de tegenstander raakt de bal een medespeler die in de baan van het schot stond. Deze speler heeft zijn handen in natuurlijke houding naast zijn lichaam en maakt geen bewuste actie naar de bal die zijn arm licht aanraakt . Wat moet de scheidsrechter beslissen als de bal vervolgens in het doel gaat?
A. Aftrap na geldig doelpunt. Deze manier van hands is niet met opzet en dus niet strafbaar.
B. Directe vrije schop voor de verdedigende partij. Ondanks dat dit niet bewust is wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar
C. Directe vrije schop voor de verdedigende partij en een gele kaart voor de speler die hands maakt. Ondanks dat dit niet bewust is wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar.
D. Directe vrije schop voor de verdedigende partij en een rode kaart voor de speler die hands maakt. Ondanks dat dit niet bewust is wordt er wel direct gescoord en dat maakt het strafbaar

Antwoord Vraag 1 
Het antwoord had B moeten zijn: Zie regel 12, pagina 51/52. Als de bal de arm of de hand raakt en er ontstaat een doelpunt, dan wordt dit aangemerkt als opzettelijk en is de aanraking met hand of arm strafbaar. Het doelpunt wordt niet goedgekeurd en de verdedigende partij krijgt een directe vrije schop.

Vraag 2.Een aanvaller gaat met de bal aan de voet het strafschopgebied in en wordt daar ten val gebracht. De scheidsrechter kent een strafschop toe. De aanvaller heeft verzorging gehad en vraagt nu of hij de strafschop mag nemen. Wat beslist de scheidsrechter?
A. Hij staat dit zonder meer toe. Als er een strafschop genomen mag worden, hoeft de aanvaller niet         naar de zijkant als hij de strafschop zelf neemt.
B. Hij staat dit alleen toe als de verdediger een gele kaart heeft gekregen
C. Hij staat dit alleen toe als ook een andere medespeler geblesseerd is en verzorging heeft gekregen.
D. Hij staat dit niet toe, omdat de geblesseerde speler altijd eerst naar de kant moet en er pas weer in mag nadat de strafschop is genomen.
Antwoord vraag 2. Het antwoord had A moeten zijn: Zie regel 5, pagina 25, middenin. Normaal gesproken dient een geblesseerde speler het speelveld te verlaten, tenzij de overtreder voor zijn overtreding een kaart moest worden getoond. Als de geblesseerde speler de toegekende strafschop wil nemen, hoeft hij het speelveld niet eerst te verlaten, maar mag hij gelijk als strafschopnemer gaan fungeren. De scheidsrechter zal se strafschop laten nemen.

Vraag 3. De doelverdediger neemt een doelschop en trapt deze richting een medespeler, die buiten het strafschopgebied staat. Een aanvaller, die op het moment van spelen van de bal buiten het strafschopgebied staat, ziet dit en onderschept de bal, voordat de bal het strafschopgebied heeft verlaten, met zijn voet en scoort. Wat beslist de scheidsrechter?
A. Aftrap na geldig doelpunt
B. Doelschop overnemen
C. Indirecte vrije schop voor de verdedigende partij
D. Directe vrije schop voor de verdedigende partij
Antwoord vraag 3. Het antwoord had A moeten zijn: De bal is in het spel op het moment dat de doelverdediger de bal trapt. De aanvaller staat op dat moment buiten het strafschopgebied, maar mag nu de bal dus al wel aannemen voordat de bal het strafschopgebied heeft verlaten. Er wordt dus nu een geldig doelpunt gemaakt.

Vraag 4. Een speler trapt de bal uit een vrije schop, genomen in het eigen strafschopgebied, terug naar zijn doelverdediger. Deze doelverdediger let niet op en de bal verdwijnt in het eigen doel, zonder dat de bal verder door iemand is aangeraakt. Wat beslist de scheidsrechter? 
A. Aftrap na geldig doelpunt
B. Vrije schop overnemen
C. Doelschop
D. Hoekschop
Antwoord Vraag  4
Het antwoord had D moeten zijn: Het was in het verleden zo dat zolang de bal niet rechtstreeks buiten het strafschopgebied was en de bal verdween in het doel, dan moest de vrije schop worden overgenomen. Nu is de bal in 4het spel zodra deze is getrapt en duidelijk beweegt. Scoren uit een vrije schop in eigen doel levert echter geen doelpunt op, de spelhervatting is een hoekschop.

Vraag 5. Welke van vier onderstaande beweringen m.b.t. Regel 11 (Buitenspel) is correct?
A. Een speler bevindt zich in buitenspelpositie indien hij met enig deel van zijn hoofd, lichaam, voeten of armen op de helft van de tegenpartij is (m.u.v. de middenlijn)
B. De indirecte vrije schop voor strafbaar buitenspel wordt genomen op de plaats waar de aanvaller buitenspel stond op het moment van spelen.
C. Een tegenstander kan alleen in diens spel beïnvloed worden door een duidelijke actie van een opponent, als daarbij de bal door hem gespeeld wordt.
D. In het geval van een strafbare buitenspelpositie kent de scheidsrechter een indirecte vrije schop toe op de plaats van de overtreding, ook als dit op de eigen speelhelft van de speler i
Antwoord vraag 5
Het antwoord had D moeten zijn: Bij beoordeling van strafbaar buitenspel telt de arm niet mee. De plaats van de spelhervatting is vrij recent gewijzigd, dus niet meer waar je stond op moment van spelen van de bal, maar op de plaats waar je de bal uiteindelijk speelt. Antwoord D geeft als enige de juiste beweringen.

Vraag 6. Er wordt op het doel geschoten. Een supporter rent het veld op en probeert de bal te stoppen.. Via zijn hand gaat de bal toch nog het doel in. Wat moet de scheidsrechter nu doen?
a. Doelpunt en supporter moet worden verwijderd
b Indirecte vrije schop en supporter moet worden verwijderd
c. Directe vrije schop en supporter moet worden verwijderd
d. Scheidsrechtersbal en supporter moet worden verwijderd.
Antwoord vraag 6.
In het verleden was dit altijd een scheidsrechtersbal. Sinds dit seizoen geldt de regel dat wanneer de bal het doel in dreigt te gaan en een supporter de bal raakt en dan toch het doel in gaat het een geldig doelpunt is. Het juiste antwoord is dus dat de supporter verwijderd moet worden en het doelpunt wordt goedgekeurd

Vraag 7. Bij een scheidsrechtersbal voor de aanvallende partij, schiet de aanvaller, nadat de bal de grond heeft geraakt deze in het doel van de tegenstander. Wat beslist de scheidsrechter?
A. Doeltrap
B. Hoekschop
C. Geldig doelpunt
D. Scheidsrechtersbal overnemen
Antwoord vraag 7
Het juiste antwoord is A. Regel 8. Wanneer er uit een scheidsrechtersbal wordt gescoord in het doel van de tegenstander nadat deze de grond heeft geraakt en NIET door tenminste 2 spelers is geraakt, wordt het spel hervat met een doeltrap.

Vraag 8. Volgend spelmoment kwam voor bij de wedstrijd Ajax-Groningen Een speler treuzelt veel te lang bij het nemen van een inworp. De scheidsrechter fluit en toont de speler de gele kaart. Hoe moet het spel nu worden hervat?
A. Inworp andere partij
B. Indirecte vrije schop
C. Inworp dezelfde partij
D. Scheidsrechterbal
Antwoord vraag 8. In de praktijk kom je in dit geval toch wel verwarring tegen. Veel spelers en trainers denken dat de inworp dan overgaat naar de andere partij. Het gebeurt zelfs dat de andere partij een indirecte vrije schop krijgt. Dit is echter niet het geval. Dezelfde partij moet nog steeds inwerpen, omdat het spel nog niet was hervat.


Vraag 9. In welke gevallen moet een trainer een gele kaart ontvangen?
A. Herhaaldelijk het verlaten van de instructie zone / aanhoudend onacceptabel gedrag.
B. Op beschaafde wijze tonen van ontevredenheid / op agressieve wijze de instructiezone van de tegenpartij betreden.
C. Het betreden van de referee review area / opzettelijk een voorwerp op het speelveld trappen
D. Fysiek of agressief gedrag toont / het speelveld betreden
Antwoord vraag 9 is A: Voor de gevallen genoemd bij de antwoorden B, C en D geldt tenminste 1 situatie waarvoor de rode kaart moet worden getoond.

Vraag 10. Een buitenspeler schiet een voorzet recht op een verdediger in het strafschopgebied. De bal stuit via het lichaam van deze verdediger op een arm die in een natuurlijke positie is. Wat moet de scheidsrechter hier beslissen?
A. Strafschop en geel
B. Directe vrije schop
C. Directe vrije schop en geel
D. Doorspelen
Antwoord vraag 10. Het juiste antwoord is  D. Doorspelen. In de regels staat duidelijk dat wanneer de bal van het eigen lichaam afstuit, zoals in de vraag,  en zo op een arm of hand komt dit geen hands is.

Vraag 11: Schattingsvraag.
Geen spelregelvraag maar wellicht had met een goede spelregelkennis en meer respect voor
beslissingen het aantal  kaarten lager geweest
Hoeveel  gele kaarten kregen spelers/staf  van Reutum 1 vanaf het seizoen 2012-2013 t/m het seizoen 2018-2019?

Antwoord Vraag 11. Dit waren in totaal 175 kaarten.

Bron vragen/antwoorden : COVS en diverse scheidsrechtersverenigingen